Inhoud.
Is
onderverdeeld:
1
Inleiding.
2
Uitgangspunt.
3
Samenvatting.
4
Onderbouwing.
5
Bijlagen.
1 Inleiding.
Deze
module gaat in op: Wetenschapsfilosofie - Ontwikkeling.
Aanleiding
voor deze module is het document: ‘Filosofie/Grondslagen van de Natuurkunde;
(NS-257B) door Prof. Dr. D.G.B.J. Dieks.
Een
metafoor voor ‘Filosofie/Grondslagen van de Natuurkunde’ is één rijdende trein
over een traject met diverse wissels en stoplichten bij dreigend gevaar.
Er
is sprake van ontsporing (ongewenste wissel) wanneer de trein naar een
ongewenste bestemming (het doorgronden van de natuur) leidt.
Er
is sprake van een stoplicht negeren wanneer de machinist kon weten dat de
gekozen richting niet de gewenste eindbestemming oplevert.
2 Uitgangspunt.
Filosofie/Grondslagen
van de Natuurkunde; (NS-257B) door Prof. Dr. D.G.B.J. Dieks.
3 Samenvatting.
Is
onderverdeeld:
1 Algemeen.
2 Conclusie.
3.1 Algemeen.
Niet van
toepassing.
3.2 Conclusie.
Soms gaat het mis.
4 Onderbouwing.
De
trein rijdt tot blz. 14 (1.3
Wetenschapsleer en wetenschap van Aristoteles).
Het
volgende fragment is zo’n ontsporingsmoment.
Plato
had feitelijk gekozen voor de zienswijze van Parmenides: de wereld waar het om
gaat, waarover wij kennis moeten proberen te verwerven, is onveranderlijk.
Weliswaar is de zintuiglijk waarneembare wereld ook reëel, maar door haar
verwarde, rommelige karakter is zij voor de filosoof niet interessant.
Aristoteles wijst deze splitsing van de realiteit in twee werelden af. Hij
verwerpt het standpunt van zijn leermeester Plato dat er onveranderlijke Vormen
bestaan onafhankelijk van de "gewone", stoffelijke wereld. Er is maar
één wereld, de wereld van de zintuiglijke waarneming. En volgens Aristoteles is
er ook maar één manier om tot kennis over die wereld te komen, namelijk de
waarneming.
Ik
schaar mij evenals Plato achter de zienswijze van Parmenides.
Naast
een wereld van het veranderlijke (gevulde ruimte) is er een wereld van het
onveranderlijke (lege ruimte). Lege ruimte omsluit gevulde ruimte.
Voor
gevulde ruimte geldt: is gezien van binnenuit onbegrensd.
Voor
gevulde ruimte geldt: is gezien van buitenaf begrensd
Door
beide werelden in beschouwing te nemen zijn er de volgende manieren om tot concrete
kennis van de stoffelijke wereld te komen:
o
Waarneming.
o
Conclusies o.b.v. universele Natuurwet (Gulden Regel).
Voor Natuurwet
geldt:
o
Het
abstracte heeft één tegenpool met tegengestelde
kenmerken.
o
Het
concrete heeft meerdere tegenpolen
met tegengestelde kenmerken.
De wet houdt in
dat elk begrip een ander begrip als tegenpool heeft. De kenmerken van beide
begrippen zijn tegengesteld aan elkaar.
De
duizenden jaren oude (uit meerdere delen van de wereld afkomstige) Gulden
leefregel weerspiegelt de Natuurwet. De Natuurwet is dan ook onlosmakelijk
gekoppeld aan de Gulden regel.
Voor Gulden
regel geldt:
o
Behandel anderen zoals je door hen behandeld wilt worden als
het doen.
o
Wat gij niet wilt dat u geschiedt, doet dat ook
de ander niet als het laten.
De
trein dendert echter door volgens de geschiedenis, genoemd in het document.
Gekomen
bij blz. 30 (2.4 Wetenschap en wetenschapsleer van Newton) rijdt de
machinist door het stoplicht.
Het
betreft het volgende fragment.
Newton
formuleert in zijn "Philosophiae Naturalis Principia Mathematica"
(wiskundige beginselen van de natuurfilosofie) de drie bewegingswetten -de
traagheidswet, de krachtwet en het principe "actie = - reactie" - en
de universele gravitatiewet; hij brengt daarmee de voorgaande ontwikkeling tot
een hoogtepunt en fundeert de klassieke mechanica.
Het
fragment weerspiegelt het koppelen van namen aan natuurwetten i.p.v.
wetmatigheden.
Voor
Wet geldt: is uitgevaardigd.
Voor
uitvaardigen van Wet geldt: is een geestelijke activiteit.
Voor wél door mensen uitgevaardigde Wet geldt:
gaat niét gepaard met wetmatigheden; gaat wél gepaard met sancties.
Voor niét door mensen uitgevaardigde Wet geldt:
gaat wél gepaard met wetmatigheden; gaat niét gepaard met sancties.
Kortom:
wetmatigheid is gekoppeld aan de afzonderlijke (uitgevaardigde) wet; de
Natuurwet.
Voor concrete
kennis geldt:
o
Je kunt er zowel in
abstracte als concrete zin iets mee (er is wél sprake van een
bewijslast).
Voor abstracte
kennis (bijvoorbeeld religie, metafysica en het occulte) geldt:
o
Je kunt er uitsluitend
in abstracte zin iets mee (er is niét sprake van een bewijslast).
Voor concrete
kennis geldt:
o
Bewijslast
ligt zowel bij de bestemming (omgekeerde bewijslast) als bij de
bron, in combinatie met het strenge betoog.
o
Bewijslast
ligt uitsluitend bij de bestemming (omgekeerde
bewijslast), in combinatie met het coulante betoog.
Voor concrete
kennis geldt:
o
Bewijslast
ligt zowel bij de bestemming (omgekeerde bewijslast) als bij de
bron, in combinatie met ‘Biedt niét oplossing voor fundamentele
vraagstukken (oerknal, antimaterie, onzichtbare
(donkere) materie, zwaartekracht en definitie meetkundige lijn)’.
o
Bewijslast
ligt uitsluitend bij de bestemming (omgekeerde
bewijslast), in combinatie met ‘Biedt wél oplossing voor
fundamentele vraagstukken (oerknal,
antimaterie, onzichtbare (donkere) materie, zwaartekracht en definitie
meetkundige lijn)’.
Voor concrete
kennis geldt:
o
Bewijslast
ligt zowel bij de bestemming (omgekeerde bewijslast) als bij de
bron, gebaseerd op iets wat niét bewezen is (axioma’s,
postulaten).
o
Bewijslast
ligt uitsluitend bij de bestemming (omgekeerde
bewijslast), gebaseerd op iets wat wél bewezen is
(Natuurwet).
Voor
uitvaardigen Natuurwet komt uitsluitend het goddelijke (is lege ruimte ofwel geest)
in aanmerking. De conclusie is zo voor de hand liggend dat de machinist het
stoplicht genegeerd moet hebben (was al zó ver op weg).
Na
vele wissels (geen consensus filosofen) eindigt de trein bij de ongewenste
bestemming (onopgeloste fundamentele vraagstukken zoals oerknal, antimaterie,
onzichtbare (donkere) materie, zwaartekracht en definitie meetkundige lijn. Dit
met als conclusie: de natuur is ondoorgrondelijk.
Ik
pleit dan ook voor een tweede treintraject.
Samen
met het eerste traject leidt het tot concrete kennis als grondslag van de
natuurkunde.
Mijn
website ‘Natuurfilosofie.nl. gaat hier nader op in.
5 Bijlagen.
Geen.