Inhoud.
Is
onderverdeeld:
1 Inleiding.
2 Uitgangspunt.
3 Samenvatting.
4 Onderbouwing.
5 Bijlagen.
1 Inleiding.
Deze module
beperkt zich uitsluitend tot externe en interne wisselwerking van subatomaire
deeltjes.
Subatomair
deeltje bestaat uit één, twee of drie Planckdeeltjes(+óf-) draaiend om neutraal
centrum.
2 Uitgangspunt.
Er is zowel
niét als wél neutrale lading [1].
Voor neutrale
lading geldt: Doet gelijk- en ongelijksoortige lading zowel niét aantrekken als
niét afstoten [1].
Voor lading(+)
geldt: Stoot lading(+) af [2].
3 Samenvatting.
3.1 Algemeen.
Voor PD(+én-)
als inwendig deel van SD geldt: Er is wél wisselwerking met lading(+én-) [10].
Toelichting:
o
Voor
PD(+én-) geldt: Er is daarvan minimaal één als centrum van SD.
o
Voor
PD(+én-) geldt: Is geest en daardoor niet te doorgronden.
3.2 Conclusies.
Er is niét
wisselwerking tussen lading(+én-) onderling [1].
Er is wél
wisselwerking tussen lading(+óf-) onderling [2].
Er is niét
wisselwerking tussen lading(+én-) en (+óf-) [3].
Voor
lading(+én-) geldt: Er is niét wisselwerking met zowel lading(+én-) als (+óf-) [4].
Voor
lading(+óf-) geldt: Er is niét wisselwerking met uitsluitend lading(+én-) [5].
Voor
lading(+óf-) geldt: Er is wél wisselwerking met uitsluitend lading(+óf-) [6].
Voor SD(+óf-)
(gbu) geldt: Er is niét wisselwerking met lading(+én-) [7].
Voor SD(+óf-)
(gbi) geldt: Er is wél wisselwerking met lading(+én-) [8].
Voor PD(+óf-)
als uitwendig deel van SD geldt: Er is wél wisselwerking met lading(+én-) [9].
Voor PD(+én-)
als inwendig deel van SD geldt: Er is wél wisselwerking met lading(+én-) [10].
Voor SD(+óf-)
(gbu) geldt: Er is wél wisselwerking tussen lading(+óf-) onderling [11].
Voor SD(+óf-)
(gbi) geldt: Er is niét wisselwerking tussen lading(+óf-) onderling [12].
Voor PD(+óf-)
geldt: Er is niét wisselwerking tussen lading(+óf-) onderling [13].
Voor PD(+én-) en
PD(+óf-) geldt: Doet elkaar aantrekken [14].
4 Onderbouwing.
1 Zie conclusie.
Is onderbouwd:
1 Als waar is:
o
Er
is zowel niét als wél neutrale lading.
o
Voor
neutrale lading geldt: Doet gelijk- en ongelijksoortige lading zowel niét
aantrekken als niét afstoten.
2
Is
ook waar:
o
Er
is niét wisselwerking tussen lading(+én-) onderling.
3 Conclusie:
o
Er is
niét wisselwerking tussen lading(+én-) onderling.
2 Zie conclusie.
Is onderbouwd:
1 Als waar is:
o
Er is
niét wisselwerking tussen lading(+én-) onderling [1].
o
Er
is zowel niét als wél neutrale lading [1 (Als waar is:)].
2
Is
ook waar:
o
Er is
wél wisselwerking tussen lading(+óf-) onderling.
3 Conclusie:
o
Er is
wél wisselwerking tussen lading(+óf-) onderling.
3 Zie conclusie.
Is onderbouwd:
1 Als waar is:
o
Voor
neutrale lading geldt: Doet gelijk- en ongelijksoortige lading zowel niét
aantrekken als niét afstoten [1 (Als waar is:)].
2
Is
ook waar:
o
Er is
niét wisselwerking tussen lading(+én-) en (+óf-).
3 Conclusie:
o
Er is
niét wisselwerking tussen lading(+én-) en (+óf-).
4 Zie conclusie.
Is onderbouwd:
1 Als waar is:
o
Er is
niét wisselwerking tussen lading(+én-) en (+óf-) [3].
o
Er is
niét wisselwerking tussen lading(+én-) onderling [1].
2
Is
ook waar:
o
Voor
lading(+én-) geldt: Er is niét wisselwerking met zowel lading(+én-) als (+óf-).
3 Conclusie:
o
Voor
lading(+én-) geldt: Er is niét wisselwerking met zowel lading(+én-) als (+óf-).
5 Zie conclusie.
Is onderbouwd:
1 Als waar is:
o
Voor
lading(+én-) geldt: Er is niét
wisselwerking met zowel lading(+én-)
als (+óf-) [4].
o
Er is
wél wisselwerking tussen lading(+óf-) onderling [2].
2
Is
ook waar:
o
Voor
lading(+óf-) geldt: Er is niét
wisselwerking met uitsluitend
lading(+én-).
3 Conclusie:
o
Voor
lading(+óf-) geldt: Er is niét wisselwerking met uitsluitend lading(+én-).
6 Zie conclusie.
Is onderbouwd:
1 Als waar is:
o
Voor
lading(+óf-) geldt: Er is niét
wisselwerking met uitsluitend lading(+én-)
[5].
o
Er is
wél wisselwerking tussen lading(+óf-) onderling [2].
2
Is
ook waar:
o
Voor
lading(+óf-) geldt: Er is wél
wisselwerking met uitsluitend lading(+óf-).
3 Conclusie:
o
Voor
lading(+óf-) geldt: Er is wél wisselwerking met uitsluitend lading(+óf-).
7 Zie conclusie.
Is onderbouwd:
1 Als waar is:
o
Voor
lading(+óf-) geldt: Er is niét wisselwerking met uitsluitend lading(+én-) [5].
o
Voor
SD geldt: PD(+óf-) draait zowel bol- als spiraalvormig om PD(+én-) [SD -
Inwendige vs. Uitwendige].
2
Is
ook waar:
o
Voor
SD(+óf-) (gbu) geldt: Er is niét wisselwerking met lading(+én-).
3
Conclusie:
o
Voor
SD(+óf-) (gbu) geldt: Er is niét wisselwerking met lading(+én-).
8 Zie conclusie.
Is onderbouwd:
1 Als waar is:
o
Voor
SD(+óf-) (gbu) geldt: Er is niét wisselwerking met lading(+én-) [7].
o
Voor
SD geldt: PD(+óf-) draait zowel bol- als spiraalvormig om PD(+én-) [7 (Als waar
is:)].
2
Is
ook waar:
o
Voor
SD(+óf-) (gbi) geldt: Er is wél wisselwerking met lading(+én-).
3
Conclusie:
o
Voor
SD(+óf-) (gbi) geldt: Er is wél wisselwerking met lading(+én-).
9 Zie conclusie.
Is onderbouwd:
1 Als waar is:
o
Voor
SD(+óf-) (gbi) geldt: Er is wél wisselwerking met lading(+én-) [8].
o
Voor
SD geldt: PD(+óf-) draait zowel bol- als spiraalvormig om PD(+én-) [7 (Als waar
is:)].
2
Is
ook waar:
o
Voor
PD(+óf-) als uitwendig deel van SD geldt: Er is wél wisselwerking met
lading(+én-).
3
Conclusie:
o
Voor
PD(+óf-) als uitwendig deel van SD geldt: Er is wél wisselwerking met
lading(+én-).
10 Zie conclusie.
Is onderbouwd:
1 Als waar is:
o
Voor
PD(+óf-) als uitwendig deel van SD geldt: Er is wél wisselwerking met
lading(+én-) [9].
o
Voor
SD geldt: PD(+óf-) draait zowel bol- als spiraalvormig om PD(+én-) [7 (Als waar
is:)].
2
Is
ook waar:
o
Voor
PD(+én-) als inwendig deel van SD geldt: Er is
wél wisselwerking met lading(+én-).
3
Conclusie:
o
Voor
PD(+én-) als inwendig deel van SD geldt: Er is wél wisselwerking met
lading(+én-).
11 Zie conclusie.
Is onderbouwd:
1 Als waar is:
o
Er
is wél wisselwerking tussen lading(+óf-) onderling [2].
o
Voor
SD geldt: PD(+óf-) draait zowel bol- als spiraalvormig om PD(+én-) [7 (Als waar
is:)].
2
Is
ook waar:
o
Voor
SD(+óf-) (gbu) geldt: Er is wél wisselwerking tussen lading(+óf-) onderling.
3
Conclusie:
o
Voor
SD(+óf-) (gbu) geldt: Er is wél wisselwerking tussen lading(+óf-) onderling.
12 Zie conclusie.
Is onderbouwd:
1 Als waar is:
o
Voor
SD(+óf-) (gbu) geldt: Er is wél wisselwerking tussen lading(+óf-)
onderling [11].
o
Voor
SD geldt: PD(+óf-) draait zowel bol- als spiraalvormig om PD(+én-) [7 (Als waar
is:)].
2
Is
ook waar:
o
Voor
SD(+óf-) (gbi) geldt: Er is niét wisselwerking tussen lading(+óf-)
onderling.
3
Conclusie:
o
Voor
SD(+óf-) (gbi) geldt: Er is niét wisselwerking tussen lading(+óf-) onderling.
13 Zie conclusie.
Is onderbouwd:
1 Als waar is:
o
Voor
SD(+óf-) (gbi) geldt: Er is niét wisselwerking tussen lading(+óf-) onderling [12].
2
Is
ook waar:
o
Voor
PD(+óf-) geldt: Er is niét wisselwerking tussen lading(+óf-) onderling.
3
Conclusie:
o
Voor
PD(+óf-) geldt: Er is niét wisselwerking tussen lading(+óf-) onderling.
14 Zie conclusie.
Is onderbouwd:
1 Als waar is:
o
Voor
PD(+óf-) als uitwendig deel van SD geldt: Er is wél wisselwerking met
lading(+én-) [9].
o
Voor
SD geldt: PD(+óf-) draait zowel bol- als spiraalvormig om PD(+én-) [7 (Als waar
is:)].
o
Voor
PD ~ E ~ NKVR ~ L=H ~ S=H geldt: Is uitsluitend concreet [UIG - Abstract vs.
Concreet].
o
In
domein ZM heeft al het concrete zonder lading een ϗk waarde (= 1E-105 C) [ICC
vs. GCC].
o
Gsr
~ zd=3D = 1E-105 m [Uitersten in afstand].
2
Is
ook waar:
o
Voor
PD(+én-) en PD(+óf-) geldt: Doet elkaar aantrekken.
3
Conclusie:
o
Voor
PD(+én-) en PD(+óf-) geldt: Doet elkaar aantrekken.
5 Bijlagen.
o Afkortingen en symbolen.