Inhoud.

                                                                 

Is onderverdeeld:

1      Inleiding.

2      Uitgangspunt.

3      Samenvatting.

4      Onderbouwing.

5      Bijlagen.

 

1  Inleiding.

 

De beschreven subatomaire deeltjes dienen geïsoleerd beschouwd te worden.

 

2  Uitgangspunt.

    

Voor elektron geldt: Draait bolvormig om atoomkern [1].

Voor elektron geldt: Heeft meerdere afstanden tot atoomkern [10].

Voor BSD geldt: Heeft wél massa [17].

Foton in beweging heeft niét bewegingsenergie [17].

 

3  Samenvatting.

 

3.1    Algemeen.

 

o   Niet van toepassing.

 

3.2    Conclusies.

 

Voor BAD in domein ZM (gezien vanuit domein ZM) geldt: Deeltje(-) draait om zowel deeltje(+én-) als (+) [1].

Voor BAD in domein OM (gezien vanuit domein ZM) geldt: Deeltje(+) draait bolvormig om zowel deeltje(+én-) als (-) [2].

 

Voor BAD (gezien vanuit domein ZM) geldt: Deeltje(+óf-) draait om zowel deeltje(+én-) als (+óf-) [3].

 

Voor BAD in domein OM (gezien vanuit domein OM) geldt: Deeltje(-) draait om zowel deeltje(+én-) als (+) [4].

Voor BAD in domein ZM (gezien vanuit domein OM) geldt: Deeltje(+) draait bolvormig om zowel deeltje(+én-) als (-) [5].

 

Voor BAD (gezien vanuit domein OM) geldt: Deeltje(+óf-) draait om zowel deeltje(+én-) als (+óf-) [6].

 

Voor BAD geldt: Deeltje(+óf-) draait om zowel deeltje(+én-) als (+óf-) [7].

Voor BSD geldt: Deeltje(+óf-) draait om uitsluitend deeltje(+én-) [8].

 

Voor BSD geldt: PD(+óf-) draait om PD(+én-) [9].

 

Voor BAD geldt: Uitwendige heeft meerdere afstanden tot centrum [10].

Voor BAD geldt: Uitwendige heeft één afstand tot centrum [11].

 

Voor BSD geldt: PD(+óf-) draait bolvormig om PD(+én-) [12].

Voor SSD geldt: PD(+óf-) draait spiraalvormig om PD(+én-) [13].

 

Voor BSD in beweging geldt: Heeft wél bewegingsenergie [14].

Voor BSD in rust geldt: Heeft niét bewegingsenergie [15].

 

Voor BSD geldt: Heeft zowel niét als wél bewegingsenergie [16].

Voor SSD geldt: Heeft uitsluitend niét bewegingsenergie [17].

 

Voor SD geldt: Heeft zowel niét als wel bewegingsenergie [18].

Voor PD geldt: Heeft uitsluitend niét bewegingsenergie [19].

 

Voor BAD geldt: Uitwendige heeft omtreksnelheid ≠ c [20].

Voor BSD geldt: Uitwendige heeft omtreksnelheid = c [21].

 

4  Onderbouwing.

 

1   Zie conclusie.

Is onderbouwd:

1      Als waar is:

o    Voor elektron geldt: Draait bolvormig om atoomkern.

2      Is ook waar:

o    Voor BAD in domein ZM (gezien vanuit domein ZM) geldt: Deeltje(-) draait om zowel deeltje(+én-) als (+).

3      Conclusie:

o    Voor BAD in domein ZM (gezien vanuit domein ZM) geldt: Deeltje(-) draait om zowel deeltje(+én-) als (+).

2   Zie conclusie.

Is onderbouwd:

1      Als waar is:

o    Voor BAD in domein ZM (gezien vanuit domein ZM) geldt: Deeltje(-) draait om zowel deeltje(+én-) als (+) [1].

2      Is ook waar:

o    Voor BAD in domein OM (gezien vanuit domein ZM) geldt: Deeltje(+) draait bolvormig om zowel deeltje(+én-) als (-).

3      Conclusie:

o    Voor BAD in domein OM (gezien vanuit domein ZM) geldt: Deeltje(+) draait bolvormig om zowel deeltje(+én-) als (-).

3   Zie conclusie.

Is onderbouwd:

1      Als waar is:

o    Voor BAD in domein OM (gezien vanuit domein ZM) geldt: Deeltje(+) draait bolvormig om zowel deeltje(+én-) als (-) [2].

o    Voor BAD in domein ZM (gezien vanuit domein ZM) geldt: Deeltje(-) draait om zowel deeltje(+én-) als (+) [1].

2      Is ook waar:

o    Voor BAD (gezien vanuit domein ZM) geldt: Deeltje(+óf-) draait om zowel deeltje(+én-) als (+óf-).

3      Conclusie:

o    Voor BAD (gezien vanuit domein ZM) geldt: Deeltje(+óf-) draait om zowel deeltje(+én-) als (+óf-).

4   Zie conclusie.

Is onderbouwd:

1      Als waar is:

o    Voor BAD in domein ZM (gezien vanuit domein ZM) geldt: Deeltje(-) draait om zowel deeltje(+én-) als (+) [1].

2      Is ook waar:

o    Voor BAD in domein OM (gezien vanuit domein OM) geldt: Deeltje(-) draait om zowel deeltje(+én-) als (+).

3      Conclusie:

o    Voor BAD in domein OM (gezien vanuit domein OM) geldt: Deeltje(-) draait om zowel deeltje(+én-) als (+).

5   Zie conclusie.

Is onderbouwd:

1      Als waar is:

o    Voor BAD in domein OM (gezien vanuit domein OM) geldt: Deeltje(-) draait om zowel deeltje(+én-) als (+) [4].

2      Is ook waar:

o    Voor BAD in domein ZM (gezien vanuit domein OM) geldt: Deeltje(+) draait bolvormig om zowel deeltje(+én-) als (-).

3      Conclusie:

o    Voor BAD in domein ZM (gezien vanuit domein OM) geldt: Deeltje(+) draait bolvormig om zowel deeltje(+én-) als (-).

6   Zie conclusie.

Is onderbouwd:

1      Als waar is:

o    Voor BAD in domein ZM (gezien vanuit domein OM) geldt: Deeltje(+) draait bolvormig om zowel deeltje(+én-) als (-) [5].

o    Voor BAD in domein OM (gezien vanuit domein OM) geldt: Deeltje(-) draait om zowel deeltje(+én-) als (+) [4].

2      Is ook waar:

o    Voor BAD (gezien vanuit domein OM) geldt: Deeltje(+óf-) draait om zowel deeltje(+én-) als (+óf-).

3      Conclusie:

o    Voor BAD (gezien vanuit domein OM) geldt: Deeltje(+óf-) draait om zowel deeltje(+én-) als (+óf-).

7   Zie conclusie.

Is onderbouwd:

1      Als waar is:

o    Voor BAD (gezien vanuit domein OM) geldt: Deeltje(+óf-) draait om zowel deeltje(+én-) als (+óf-) [6].

o    Voor BAD (gezien vanuit domein ZM) geldt: Deeltje(+óf-) draait om zowel deeltje(+én-) als (+óf-) [3].

2      Is ook waar:

o    Voor BAD geldt: Deeltje(+óf-) draait om zowel deeltje(+én-) als (+óf-).

3      Conclusie:

o    Voor BAD geldt: Deeltje(+óf-) draait om zowel deeltje(+én-) als (+óf-).

8   Zie conclusie.

Is onderbouwd:

1      Als waar is:

o    Voor BAD geldt: Deeltje(+óf-) draait om zowel deeltje(+én-) als (+óf-) [8].

o    In DG-H geldt: Gsr ~ md=3D ~ kßx ~ H(+óf-) omsluit stukken ruimte ~ md=3D ~ kß ~ H(+én-) [Geest vs. Lichaam].

o    In DG-H geldt: Lichaam omsluit uitsluitend geest [Geest vs. Lichaam].

o    Lsr ~ md=3D ~ kßy ~ (+én-) is uitsluitend geest [Geest vs. Lichaam].

2      Is ook waar:

o    Voor BSD geldt: Deeltje(+óf-) draait om uitsluitend deeltje(+én-).

3      Conclusie:

o    Voor BSD geldt: Deeltje(+óf-) draait om uitsluitend deeltje(+én-).

9   Zie conclusie.

Is onderbouwd:

1      Als waar is:

o    Voor BSD geldt: Deeltje(+óf-) draait om uitsluitend deeltje(+én-) [8].

o    In DG-H geldt: Gsr ~ md=3D ~ kßx ~ H(+óf-) omsluit stukken ruimte ~ md=3D ~ kß ~ H(+én-) [8 (Als waar is:)].

2      Is ook waar:

o    Voor BSD geldt: PD(+óf-) draait om PD(+én-).

3      Conclusie:

o    Voor BSD geldt: PD(+óf-) draait om PD(+én-).

10 Zie conclusie.

Is onderbouwd:

1      Als waar is:

o    Voor elektron geldt: Heeft meerdere afstanden tot atoomkern.

2      Is ook waar:

o    Voor BAD geldt: Uitwendige heeft meerdere afstanden tot centrum.

3      Conclusie:

o    Voor BAD geldt: Uitwendige heeft meerdere afstanden tot centrum.

11 Zie conclusie.

Is onderbouwd:

1      Als waar is:

o    Voor BAD geldt: Uitwendige heeft meerdere afstanden tot centrum [10].

2      Is ook waar:

o    Voor BAD geldt: Uitwendige heeft één afstand tot centrum.

3      Conclusie:

o    Voor BAD geldt: Uitwendige heeft één afstand tot centrum.

12 Zie conclusie.

Is onderbouwd:

1      Als waar is:

o    Voor BAD geldt: Uitwendige heeft één afstand tot centrum [11].

o    Voor BSD geldt: PD(+óf-) draait om PD(+én-) [9].

2      Is ook waar:

o    Voor BSD geldt: PD(+óf-) draait bolvormig om PD(+én-).

3      Conclusie:

o    Voor BSD geldt: PD(+óf-) draait bolvormig om PD(+én-).

13 Zie conclusie.

Is onderbouwd:

1      Als waar is:

o    Voor BSD geldt: PD(+óf-) draait bolvormig om PD(+én-) [12].

2      Is ook waar:

o    Voor SSD geldt: PD(+óf-) draait spiraalvormig om PD(+én-).

3      Conclusie:

o    Voor SSD geldt: PD(+óf-) draait spiraalvormig om PD(+én-).

14 Zie conclusie.

Is onderbouwd:

1      Als waar is:

o    Voor BSD geldt: Heeft wél massa.

2      Is ook waar:

o    Voor BSD in beweging geldt: Heeft wél bewegingsenergie.

3      Conclusie:

o    Voor BSD in beweging geldt: Heeft wél bewegingsenergie.

15 Zie conclusie.

Is onderbouwd:

1      Als waar is:

o    Voor BSD in beweging geldt: Heeft wél bewegingsenergie [14].

2      Is ook waar:

o    Voor BSD in rust geldt: Heeft niét bewegingsenergie.

3      Conclusie:

o    Voor BSD in rust geldt: Heeft niét bewegingsenergie.

16 Zie conclusie.

Is onderbouwd:

1      Als waar is:

o    Voor BSD in rust geldt: Heeft niét bewegingsenergie [15].

o    Voor BSD in beweging geldt: Heeft wél bewegingsenergie [14].

2      Is ook waar:

o    Voor BSD geldt: Heeft zowel niét als wél bewegingsenergie.

3      Conclusie:

o    Voor BSD geldt: Heeft zowel niét als wél bewegingsenergie.

17 Zie conclusie.

Is onderbouwd:

1      Als waar is:

o    Voor BSD geldt: Heeft zowel niét als wél bewegingsenergie [16].

o    Er is SSD(+óf-) ~ E ~ WKVR ~ L=H ~ S=1(+óf-); foton [SD - Soorten].

o    Foton in beweging heeft niét bewegingsenergie.

2      Is ook waar:

o    Voor SSD geldt: Heeft uitsluitend niét bewegingsenergie.

3      Conclusie:

o    Voor SSD geldt: Heeft uitsluitend niét bewegingsenergie.

18 Zie conclusie.

Is onderbouwd:

1      Als waar is:

o    Voor SSD geldt: Heeft uitsluitend niét bewegingsenergie [17].

o    Voor BSD geldt: Heeft zowel niét als wél bewegingsenergie [16].

2      Is ook waar:

o    Voor SD geldt: Heeft zowel niét als wel bewegingsenergie.

3      Conclusie:

o    Voor SD geldt: Heeft zowel niét als wel bewegingsenergie.

19 Zie conclusie.

Is onderbouwd:

1      Als waar is:

o    Voor SD geldt: Heeft zowel niét als wel bewegingsenergie [18].

o    Foton in beweging heeft niét bewegingsenergie [17 (Als waar is:)].

o    Voor SSD geldt: Heeft uitsluitend niét bewegingsenergie [17].

o    Voor SD geldt: PD(+óf-) draait om PD(+én-) [9].

2      Is ook waar:

o    Voor PD geldt: Heeft uitsluitend niét bewegingsenergie.

3      Conclusie:

o    Voor PD geldt: Heeft uitsluitend niét bewegingsenergie.

20 Zie conclusie.

Is onderbouwd:

1      Als waar is:

o    Voor snelheid elektron rond atoomkern geldt: Is ≠ c.

2      Is ook waar:

o    Voor BAD geldt: Uitwendige heeft omtreksnelheid ≠ c.

3      Conclusie:

o    Voor BAD geldt: Uitwendige heeft omtreksnelheid ≠ c.

21 Zie conclusie.

Is onderbouwd:

1      Als waar is:

o    Voor BAD geldt: Uitwendige heeft omtreksnelheid ≠ c [20].

2      Is ook waar:

o    Voor BSD geldt: Uitwendige heeft omtreksnelheid = c.

3      Conclusie:

o    Voor BSD geldt: Uitwendige heeft omtreksnelheid = c.

5  Bijlagen.

 

Afkortingen en symbolen.

Geest vs. Lichaam.

SD – Soorten.