Inhoud.

                                                                 

Is onderverdeeld:

1      Inleiding.

2      Uitgangspunt.

3      Samenvatting.

4      Onderbouwing.

5      Bijlagen.

 

1  Inleiding.

 

Zie module:

o      Inleiding.

 

Deze module gaat in op:

o      Natuurstaat.

 

Een metafoor voor een natie is een schip, varend op de wereldzeeën. Meerdere schepen bevaren deze zeeën. Elk schip heeft zijn eigen (vergankelijk) besturingssysteem (democratie, dictatuur, …).

 

Het door het Westen gepropageerde besturingssysteem is democratie. Ofwel: we rukken met zijn allen aan het stuurrad. Gevolg: het schip is niet koersvast. Voor andere besturingssystemen geldt: er zijn hiervan meerdere (elk met een eigen koers). Voor alle soorten schepen geldt: kans op botsingen (oorlog).

 

Is het tegenwoordig (klimaatcrisis, kernwapens ...) niet krankzinnig in zo’n wereld te leven?

 

2  Uitgangspunt.

    

Door Robert en Edward Skidelky onderscheiden universele basisgoederen:

1      Fysieke en mentale gezondheid.

2      Geborgenheid.

3      Persoonlijkheid (autonomie).

4      Harmonie met de natuur.

5      Vrije tijd.

 

‘Respect’ en ‘Vriendschap’ als universeel basisgoed zijn het gevolg van besturen en leven volgens de Gulden Regel.

 

3  Samenvatting.

 

Is onderverdeeld:

1      Algemeen.

2      Conclusie.

 

3.1    Algemeen.

 

Natuurstaat:

1      Heeft vrije markt (scheepsdek).

2      Economie is gebaseerd op ‘Genoeg is genoeg’.

3      Heeft één politieke partij die o.b.v. vijf universele basisgoederen de economie dereguleert en reguleert (stuurhut).

4      Heeft één leider met een mandaat voor vijf jaar (roerganger).

5      Op schip bestuurt en leeft men volgens de Gulden Regel (staat garant voor onbelast geweten).

 

Buiten beschouwing:

1      Voor geweten geldt: Is onsterfelijk.

2      Er is een hiernamaals.

 

Anders geformuleerd.

 

Voor Natuurstaat geldt: is Democratie in het economisch domein en Unicratie in het politieke domein. Het politieke domein koestert uitsluitend de basisgoederen, geborgd door de Gulden regel. Uitzicht op het onsterfelijke hiernamaals aan de goede zijde staat hiervoor garant.

 

3.2    Conclusie.

 

Gelet op:

1      Klimaatverandering (extreem weer, opwarming, …).

2      Achteruitgang ecosystemen en biodiversiteit.

3      Massale migratie (oorlogen, armoede, voedselonzekerheid, zoetwatervoorziening).

4      Epidemieën (corona, ebola, …).

5      Instabiele verhoudingen tussen grootmachten en religies.

 

Hoogste tijd voor een wereldregering.

Is zowel in economische als politieke zin noodzakelijk.

 

4  Onderbouwing.

 

Is onderverdeeld:

1      Bemanning.

2      Roerganger.

3      Economie.

4      Politiek.

5      Recht.

4.1    Bemanning.

 

Voor bemanning geldt:

1      Is domein economie (scheepsdek).

 

4.2    Roerganger.

 

Voor roerganger geldt:

1      Houdt koers.

2      Koestert als dienaar van domein economie de universele basisgoederen.

3      Heeft mandaat voor vijf jaar.

4      Is afwisselend man of vrouw.

5      Wordt gekozen door het volk.

 

4.3    Economie.

 

Voor domein economie geldt:

1      Vereist meerdere belangenverenigingen (bestaand uit zowel één als meerdere leden).

2      Is gekoppeld aan democratie.

3      Is machtsuitoefening vanuit individueel (eigen) belang.

4      Is individuele vrijheid (is niét gehouden aan het koesteren van de universele basisgoederen; is vrijheid van ondernemerschap; is de mogelijkheid tot het verkeerde).

5      Is gemeenschappelijke gebondenheid (gehouden aan deregulering en regulering).

 

4.4    Politiek.

 

Voor domein politiek geldt:

1      Vereist één belangenvereniging (bestaand uit uitsluitend meerdere leden).

2      Is gekoppeld aan unicratie.

3      Is machtsuitoefening vanuit gemeenschappelijk belang.

4      Is individuele gebondenheid (is wél gehouden aan het koesteren van de universele basisgoederen; is onvrijheid van ondernemerschap; is de onmogelijkheid tot het verkeerde).

5      Is gemeenschappelijke vrijheid (vrijheid van dereguleren en reguleren).

 

4.5    Recht.

 

Voor recht geldt:

1      Is gekoppeld aan plicht.

 

Voor recht op leven geldt:

1      Is onvervreemdbaar.

 

Voor erfrecht geldt:

1      Is onrecht.

 

5  Bijlagen.

 

o      Democratie vs. Unicratie.

o      Economie vs. Politiek.

o      Eén vs. meerdere zeilschepen.

o      Gedicht van Mandeville.

o      Plicht vs. Recht.