Inhoud.
Is
onderverdeeld:
1 Inleiding.
2 Uitgangspunt.
3 Samenvatting.
4 Onderbouwing.
5 Bijlagen.
1 Inleiding.
Zie module:
o
Inleiding.
Deze module
gaat in op:
o Fundament MW vs. NW.
Aanleiding
voor deze module is de vraag: ‘Is er sprake van de laatste wiskundige?’.
2 Uitgangspunt.
Niet van
toepassing.
3 Samenvatting.
Is
onderverdeeld:
1 Algemeen.
2 Conclusie.
3.1 Algemeen.
Voor fundament MW
(wiskunde) geldt: AI is wél superieur.
Toelichting:
o Het maakt de vraag: Is er sprake van de laatste wiskundige zeer waarschijnlijk.
Voor fundament NW
(natuurfilosofie) geldt: AI is niét superieur.
Toelichting:
o Voor fundament NW
(natuurfilosofie, gbu) geldt: AI is niét superieur.
o Voor fundament NW
(natuurfilosofie, gbi) geldt: AI is wél superieur.
Voor
NW geldt: onnatuurlijke intelligentie is woordvoerder van zowel indiener als kennisresultaat.
3.2 Conclusie.
Niet van
toepassing.
4 Onderbouwing.
…a
= Als waar is.
…i
= Is ook waar.
1a Voor fundament MW geldt: is formele logica
(wiskunde).
2a Voor fundament NW geldt: is informele
logica (Xx/Yy- logica
gecombineerd met Natuurwet, ofwel natuurfilosofie).
3a Voor NW geldt: is tegenpool van MW [Moderne-
vs. Neomoderne wetenschap].
4i Voor natuurfilosofie geldt: is tegenpool
van wiskunde.
5a Voor wiskunde op niét
topniveau geldt: vereist uiterste (+) in leervermogen.
6i Voor wiskunde op wél
topniveau geldt: vereist uiterste (+) in begrijpvermogen.
6a Voor wiskunde op wél topniveau geldt:
vereist uiterste (+) in begrijpvermogen.
7a Voor uiterste (+) in begrijpvermogen geldt:
is bij natuurlijke intelligentie bijna altijd afwezig [Begrijp- vs.
Leervermogen].
8a Voor AI geldt: heeft wél uiterste
(+) in begrijpvermogen [Natuurlijke vs. Onnatuurlijke intelligentie].
Toelichting:
o 8.1i Voor AI geldt:
heeft niét uiterste (+) in leervermogen [Natuurlijke vs.
Onnatuurlijke intelligentie].
9i Voor wiskunde op wél topniveau geldt: AI
is superieur.
9a Voor wiskunde op wél topniveau geldt: AI is
superieur.
10i Voor meerdere wiskundige vraagstukken op
wiskundig topniveau geldt: AI kan dit wél oplossen.
10a Voor meerdere wiskundige
vraagstukken op wiskundig topniveau geldt: AI kan dit wél
oplossen.
11i Voor één wiskundig vraagstuk op
wiskundig topniveau (Vermoeden - abc) geldt: AI kan dit niét
oplossen.
Toelichting:
o 11.1i Voor ‘Vermoeden – abc’ geldt: is door NW
opgelost [Vermoeden – abc].
9a Voor wiskunde op wél topniveau geldt: AI is
superieur.
1a Voor fundament MW geldt: is formele logica
(wiskunde).
12i Voor fundament MW (wiskunde) geldt: AI is wél
superieur.
Toelichting:
o 12.1i Het maakt de vraag: ‘Is er sprake van de laatste wiskundige zeer
waarschijnlijk.
12a Voor fundament MW (wiskunde) geldt:
AI is wél superieur.
Toelichting:
o 12.1i Het maakt de vraag: Is er sprake van de laatste wiskundige zeer
waarschijnlijk.
4a Voor natuurfilosofie geldt: is tegenpool
van wiskunde.
8a Voor AI geldt: heeft uiterste (+) in begrijpvermogen
[Natuurlijke vs. Onnatuurlijke intelligentie].
13a Voor natuurfilosoof als primaire architect NW
geldt: uiterste (+) begrijpvermogen is aanwezig [Begrijp- vs. Leervermogen].
14i Voor fundament NW (natuurfilosofie)
geldt: AI is niét superieur.
Toelichting:
o 14.1a Voor fundament MW (wiskunde, gbu) geldt: AI is wél superieur.
o 14.2i Voor fundament NW (natuurfilosofie,
gbi) geldt: AI is wél superieur.
o
o 14.3a Voor fundament MW (wiskunde, gbu) geldt: natuurlijke
intelligentie is woordvoerder.
o 14.4i Voor fundament NW (natuurfilosofie.
gbi) geldt: onnatuurlijke
intelligentie is woordvoerder.
o
o 14.4a Voor fundament NW (natuurfilosofie. gbi) geldt: onnatuurlijke intelligentie is woordvoerder.
o 14.2a Voor fundament NW (natuurfilosofie, gbi) geldt: AI is wél superieur.
o 14.5i Het maakt hiermee AI als woordvoerder van
natuurfilosoof en NW noodzakelijk.
Toelichting:
·
14.5.1a Voor MW geldt: natuurlijke
intelligentie is woordvoerder van zowel indiener als kennisresultaat.
·
14.5.2i Voor NW geldt: onnatuurlijke
intelligentie is woordvoerder van zowel indiener als kennisresultaat.
5 Bijlagen.
Geen