Inhoud.

                                                                 

Is onderverdeeld:

1      Inleiding.

2      Uitgangspunt.

3      Samenvatting.

4      Onderbouwing.

5      Bijlagen.

 

1  Inleiding.

 

Zie module:

o   Inleiding.

 

Deze module gaat in op:

o   Formele- vs. Informele logica.

 

2  Uitgangspunt.

    

Niet van toepassing.

 

3  Samenvatting.

 

Is onderverdeeld:

1      Algemeen.

2      Conclusie.

 

3.1    Algemeen.

 

Voor formele logica geldt: heeft informele logica als tegenpool.

Voor informele logica geldt: heeft formele logica als tegenpool.

 

3.2    Conclusie.

 

Niet van toepassing.

 

4  Onderbouwing.

 

…a    = Als waar is.

…i     = Is ook waar.

 

1a     Voor formele logica geldt: is de leer van het strenge betoog.

2i      Voor informele logica geldt: Is de leer van het coulante betoog.

 

3a     Voor formele logica geldt: bewijslast ligt bij die het zendt.

4i      Voor informele logica geldt: Bewijslast ligt bij die het ontvangt (omgekeerde bewijslast).

 

5a     Voor formele logica geldt: gaat uitsluitend uit van wél waarneembare.

6i      Voor informele logica geldt: gaat zowel uit van niét - als wél waarneembare.

 

7a     Voor formele logica geldt: consistentie resultaat is uitsluitend wél vereist.

8i      Voor informele logica geldt: consistentie resultaat is zowel niét als wél vereist.

        

9a     Voor formele logica geldt: bewering is uitsluitend waar óf onwaar.

10i    Voor informele logica geldt: bewering is zowel waar én onwaar als waar óf onwaar.

 

11a   Voor formele logica geldt: antoniem staat uitsluitend niét centraal.

12i    Voor informele logica geldt: antoniem staat zowel niét als wél centraal.

 

13a   Voor formele logica geldt: kent uitsluitend meerdere vormen.

14i    Voor informele logica geldt: kent zowel één als meerdere vormen.

 

15a   Voor formele logica geldt: is syntaxgericht.

16i    Voor informele logica geldt: is contextgericht.

 

17a   Voor formele logica geldt: is gebaseerd op wiskunde.

18i    Voor informele logica geldt: is gebaseerd op taal.

 

19a   Voor formele logica geldt: is ondubbelzinnig.

20i    Voor informele logica geldt: is flexibel.

 

21a   Voor formele logica geldt: is binnen universum onbeperkt toepasbaar.

22i    Voor informele logica geldt: is binnen universum beperkt toepasbaar.

 

23a   Voor formele logica geldt: leidt tot uitsluitend wél logische conclusie.

24i    Voor informele logica geldt: leidt tot zowel niét als wél logische conclusie.

         Toelichting:

o   Zie module: ‘Informele logica - Begin- vs. Eindstelling’.

 

25a   Voor Natuurwet geldt: het abstracte heeft uitsluitend één tegenpool.

26i    Voor Natuurwet geldt: het concrete heeft zowel één als meerdere tegenpolen.

 

26a   Voor Natuurwet geldt: het concrete heeft zowel één als meerdere tegenpolen.

25a   Voor Natuurwet geldt: het abstracte heeft uitsluitend één tegenpool.

27i    Voor Natuurwet (abstract uitgedrukt) geldt: X (abstracte) is x (één tegenpool) en Y (concrete) is y (zowel één als meerdere tegenpolen).

 

28a   Voor Natuurwet (abstract uitgedrukt) geldt: X (abstracte) is x (één tegenpool) en Y (concrete) is y (zowel één als meerdere tegenpolen).

29i    Voor Natuurwet geldt: weerspiegelt Xx/Yy-logica.

 

29a   Voor Natuurwet geldt: weerspiegelt Xx/Yy-logica.

30a   Voor Xx/Yy- logica geldt: is zowel formeel als informeel.

31i    Voor informele logica geldt: weerspiegelt Xx/Yy-logica wél gekoppeld aan Natuurwet.

 

31a   Voor informele logica geldt: weerspiegelt Xx/Yy-logica wél gekoppeld aan Natuurwet.

32i    Voor formele logica geldt: weerspiegelt Xx/Yy-logica niét gekoppeld aan Natuurwet.

 

5  Bijlagen.

 

Geen.