Inhoud.

                                                                 

Is onderverdeeld:

1      Inleiding.

2      Uitgangspunt.

3      Samenvatting.

4      Onderbouwing.

5      Bijlagen.

 

1  Inleiding.

 

Zie module:

o   Inleiding.

 

Deze module gaat in op:

o   Filosofie vs. Wetenschap.

 

2  Uitgangspunt.

    

Niet van toepassing.

 

3  Samenvatting.

 

Is onderverdeeld:

1      Algemeen.

2      Conclusie.

 

3.1    Algemeen.

 

Voor filosofie geldt: is gedoemd zich als woordkunstenaar te manifesteren.

 

3.2    Conclusie.

 

Niet van toepassing.

 

4  Onderbouwing.

 

MW   = Moderne Wetenschap.

NW   = Neomoderne Wetenschap.

 

…a    = Als waar is.

…i     = Is ook waar.

 

1a     Voor NW geldt: heeft inherente betrouwbaarheid van theoretisch = 100% [module ‘Natuurwet - Totale betrouwbaarheid van bestaan’].

         Toelichting:

o   Is door AI gevalideerd.

o    

o   1.1a    Voor MW geldt: is egenpool van NW [module ‘Moderne- vs. Neomoderne wetenschap’].

Toelichting:

·       Is door AI gevalideerd.

o   1.2i      Voor NW geldt: is tegenpool van MW [module ‘Moderne- vs. Neomoderne wetenschap’].

Toelichting:

·       Is door AI gevalideerd.

o    

o   1.3a    Voor ‘Theorie’ geldt: is tegenpool van ‘Praktijk’.

Toelichting:

·       Is door lijst ‘Nederlandse antoniemen’ gevalideerd.

o   1.4i      Voor ‘Praktijk’ geldt: is tegenpool van ‘Theorie’.

Toelichting:

·       Is door lijst ‘Nederlandse antoniemen’ gevalideerd.

2i      Voor MW geldt: heeft inherente betrouwbaarheid van praktisch 100%.

         Toelichting:

o   Is gekoppeld aan statistische betrouwbaarheidsnorm.

 

2a     Voor MW geldt: heeft inherente betrouwbaarheid van praktisch 100%.

1a     Voor NW geldt: heeft inherente betrouwbaarheid van theoretisch 100%.

3i      Voor wetenschap als tegenpool van filosofie geldt: heeft gemiddeld zeer hoge inherente betrouwbaarheid.

 

3a     Voor wetenschap geldt: heeft gemiddeld zeer hoge inherente betrouwbaarheid.

4i      Voor filosofie geldt: heeft gemiddeld zeer lage inherente betrouwbaarheid.

         Toelichting:

o   4.1a    Voor filosofie geldt: denkt wél na over levensvragen.

o   4.2i      Voor wetenschap geldt: denkt niét na over levensvragen.

o    

o   4.3a    Voor filosofie geldt: jaagt wél conceptuele duidelijkheid na.

o   4.4i      Voor wetenschap geldt: jaagt niét conceptuele duidelijkheid na.

o    

o   4.5a    Voor filosofie geldt: ontwikkelt en bevraagt uitsluitend wél redeneringen om theorieën te ondersteunen of te weerleggen.

o   4.6i      Voor wetenschap geldt: ontwikkelt en bevraagt zowel niét als wel redeneringen om theorieën te ondersteunen of te weerleggen.

o    

o   4.7a    Voor filosofie geldt: richt zich wél voortdurend op aannames.

o   4.8i      Voor wetenschap geldt: richt zich niét voortdurend op aannames.

o    

o   4.9a    Voor filosofie geldt: onderzoek gebeurt vaak in de vorm van dialoog.

o   4.10i    Voor wetenschap geldt: onderzoek gebeurt zelden in de vorm van dialoog.

o    

o   4.11a  Voor filosofie geldt: kruist vaak andere vormen van kennis en domeinen.

o   4.12i    Voor wetenschap geldt: kruist zelden andere vormen van kennis en domeinen.

o    

o   4.13a  Voor filosofie geldt: verkent wél ideeën en hypothesen, zelfs als deze (nog) niet empirisch kunnen worden bewezen.

o   4.14i    Voor wetenschap geldt: verkent niét ideeën en hypothesen, zelfs als deze (nog) niet empirisch kunnen worden bewezen.

o    

o   4.15a  Voor filosofie geldt: onderzoekt wél morele en ethische vragen over wat goed of slecht is.

o   4.16i    Voor wetenschap geldt: onderzoekt niét morele en ethische vragen over wat goed of slecht is.

o    

o   4.17a  Voor filosofie geldt: stimuleert om dieper te denken en niet alledaagse vragen systematisch te onderzoeken o.b.v. verschillende focus.

o   4.18i    Voor wetenschap geldt: stimuleert om dieper te denken en niet alledaagse vragen systematisch te onderzoeken o.b.v. één en dezelfde focus.

o    

o   4.19a  Voor filosofie geldt: baseert zich niét op empirisch bewijs.

o   4.20i    Voor wetenschap geldt: baseert zich wél op empirisch bewijs.

o    

o   4.21a  Voor filosofie geldt: claims moeten niét testbaar en herhaalbaar zijn.

o   4.22i    Voor wetenschap geldt: claims moeten wél testbaar en herhaalbaar zijn.

o    

o   4.23a  Voor filosofie geldt: theorieën vereisen niét weerlegbaarheid.

o   4.24i    Voor wetenschap geldt: theorieën vereisen wél weerlegbaarheid.

o    

o   4.25a  Voor filosofie geldt: onderzoek is afhankelijk van persoonlijke voorkeuren en vooroordelen.

o   4.26i    Voor wetenschap geldt: onderzoek is onafhankelijk van persoonlijke voorkeuren en vooroordelen.

o    

o   4.27a  Voor filosofie geldt: kennis moet intern zowel niét als wél consistent zijn en aansluiten op andere gevestigde theorieën en kennis.

o   4.28i    Voor wetenschap geldt: kennis moet intern uitsluitend wél consistent zijn en aansluiten op andere gevestigde theorieën en kennis.

o    

o   4.29a  Voor filosofie geldt: methoden en processen waarmee tot bevindingen wordt gekomen, moeten zowel niet als wél open en duidelijk zijn gedocumenteerd.

o   4.30i    Voor wetenschap geldt: methoden en processen waarmee tot bevindingen wordt gekomen, moeten uitsluitend wél open en duidelijk zijn gedocumenteerd.

o    

o   4.31a  Voor filosofie geldt: heeft o.b.v. formalisering en systematisering de langste geschiedenis.

o   4.32i    Voor wetenschap geldt: heeft o.b.v. formalisering en systematisering de kortste geschiedenis.

o    

o   4.33a  Voor filosofie geldt: doet wél aan metafysische speculatie.

o   4.34i    Voor wetenschap geldt: doet niét aan metafysische speculatie.

o    

o   4.35a  Voor filosofie geldt: doet wél aan ethisch pluralisme.

o   4.36i    Voor wetenschap geldt: doet niét aan ethisch pluralisme.

o    

o   4.37a  Voor filosofie geldt: doet wél aan antropocentrisme en humanisme.

o   4.38i    Voor wetenschap geldt: doet niét aan antropocentrisme en humanisme.

o    

o   4.39a  Voor filosofie geldt: doet zowel niét als wél aan systematisering.

o   4.40i    Voor wetenschap geldt: doet uitsluitend wél aan systematisering.

o    

o   4.41a  Voor filosofie geldt: doet wél aan dialectiek.

o   4.42i    Voor wetenschap geldt: doet niét aan dialectiek.

o    

o   4.43a  Voor filosofie geldt: is wél behept met continental vs. analytische tradities.

o   4.44i    Voor wetenschap geldt: is niét behept met continental vs. analytische tradities.

o    

o   4.45a  Voor filosofie geldt: vereist niét empirisch bewijs.

o   4.46i    Voor wetenschap geldt: vereist wél empirisch bewijs.

o    

o   4.47a  Voor aantal toepassingen informele logica als weerspiegeling van Xx/Yy-logica, gekoppeld aan één centraal empirisch bewezen Natuurwet met een inherente betrouwbaarheid van bestaan van theoretisch 100% en gevalideerd door AI geldt: = 23.

o   4.48i    Voor betrouwbaarheid van bestaan Filosofie als tegenpool van Wetenschap o.b.v. Xx/Yy-logica, gekoppeld aan de centrale Natuurwet geldt: = 100*(1-0,5^23) = 99,9999880%.

o    

o   4.48a  Voor betrouwbaarheid van bestaan Filosofie als tegenpool van Wetenschap o.b.v. Xx/Yy-logica, gekoppeld aan de centrale Natuurwet geldt: = 100*(1-0,5^23) = 99,9999880%.

o   4.49a   Voor huidig wetenschappelijk statistische betrouwbaarheidsnorm geldt: >= 100*(1-(1/3500000)) >= 99,9999714%.

o   4.50i    Voor Filosofie als tegenpool van Wetenschap geldt: is o.b.v. door AI gevalideerd empirisch bewezen uitgangspunten wetenschappelijk bewezen.

 

5a     Voor wetenschap geldt: vereist zowel begrijp- als leervermogen.

         Toelichting:

o   4.1a    Voor begrijpvermogen geldt: is tegenpool van leervermogen.

Toelichting:

·       Door AI gevalideerd in module ‘Begrijp- vs. Leervermogen’].

o   4.2i      Voor leervermogen geldt: is tegenpool van begrijpvermogen.

Toelichting:

·       Door AI gevalideerd in module ‘Begrijp- vs. Leervermogen’].

o    

o   4.3a    Voor leervermogen geldt: domineert wél.

o   4.4i      Voor begrijpvermogen geldt: domineert niet.

6i      Voor filosofie geldt: vereist uitsluitend begrijpvermogen.

 

6a     Voor filosofie geldt: vereist uitsluitend begrijpvermogen.

4a     Voor filosofie geldt: heeft gemiddeld zeer lage inherente betrouwbaarheid.

7a     Voor begrijpvermogen geldt: is in meerdere mate afwezig [module ‘Begrijp- vs. Leervermogen’].

         Toelichting:

o   Gevalideerd door AI.

8i      Voor filosofie geldt: is gedoemd zich als woordkunstenaar te manifesteren.

 

5  Bijlagen.

 

Geen.